Koppelingen:
Vorig artikel: HYPOCHONDRIE Volgend artikel: HYPOCHONDRIST

HYPOCHONDRISCH

Woordsoort: bnw.

Modern lemma: hypochondrisch

HYPOCHONDRIQUE —, bnw. Gevormd bij hypochondrie naar het voorb. van andere woordparen op -ie en -isch of ontleend maar onzeker uit welke taal, met evt. aanpassing van het suffix. Eng. hypochondric (1681), du. hypochondrisch. De bij WOLFF en DEKEN aangetroffen vorm hypochondrique is ofwel een pseudo-fr. vorming van hypochonder met -ique ofwel een aanpassing van fr. hypochondriaque. In de Dordtsche volkstaal is opgeteekend de vervorming iepekonterig (zie de laatste aanh.).
1.  Van personen: lijdend aan hypochondrie; zwaarmoedig.
  KRAMERS, Kunstwdt. [1847].
  V. DALE [1872 ].
— Ik weet wel, dat hypochondrique lieden zig altoos inbeelden ziek te zyn,   WOLFF en DEKEN, Blank. 3, 48 [1789].
Eén ding ontbreekt u nog, om gelukkig te leven. Gij eet goed en zijt dikwijls hypochondrisch. Gij moet een eigen lijfarts nemen, die uw dieet inricht en dagelijks voor uwe gezondheid zorgt,   Gids 1875, 2, 215.
2.  Van toestanden en verschijnselen: van den aard van, veroorzaakt door hypochondrie.
Elke mildzieke, die zich in 't hoofd gezeten heeft, dat hipochondrische opdampingen bewyzen eener ver gevorderde heiligheid zyn,   in VIEU-KUIK, Gebr. Fr. W. door Wolff en Deken 2, 150 [1774?]
Dewijl de winden dikwils hijpochondrische toevallen veroorzaaken, waar door de geest op verscheidene wijzen word aangedaan,   CHOMEL 3804 a [1777].
Depressie en ziekelijk overdreven angst voor het lichamelijk welzijn voeren vaak tot hypochondrische klachten,   V.D. HOEVEN, Psychiatrie3 3, 11 [1930].
3.  Benepen. Gewest. in Dordrecht.
Iepekonterig (benepen, verbastering van hypochondrisch),   Ons E. Volk 15, 64 [1944].
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 2001.