Koppelingen:
Vorig artikel: FLERDEN Volgend artikel: FLÈREN
GTB Woordenboeken: MNW

FLERECIJN

Woordsoort: znw.(o.)

Modern lemma: flerecijn

znw. onz. Mnl. flerecijn, fledercijn. Blijkbaar ontleend aan fr. pleurésie en dus oorspronkelijk: pleuris, pleuritis (zie VERDAM en Tijdschr. v. N. T. en L. 4, 242 en verg. Z.-Ndl. fleuris, pleuris). In Z.-Ndl. ook flessijn.
+ Jicht, rheumatiek. Vroeger het gewone woord. In N.-Ndl. thans verouderd.
Iechte, fleersyn vuyt dronckenschap gheresen es,   in Leuv. Bijdr. 4, 257.
Also hy te dier tijt siect hielde vant fleercijn oft jicht, twelc hem in beyde handen geschoten was,   in FREDERICQ, Pamfl. 306 [1598].
Ick heb noyt steen gevoelt ontrent de binnen leden, En 't quastig flereçijn en heeft my noyt bestreden,   CATS 2, 322 a [1655].
Door orde van my, die nu ontrent een' maant door 't fleresijn benoodight ben bij hujs te blijven,   HOOFT, Br. 4, 81 [1643].
Het Flerecijn in de knye ofte voet,   SPRANKHUISEN 7, 56 b [1647].
Laet vry een Dronckert Quinckeleren by de Wijn: Siet, hoe wordt sijn vreugt verdonckert, Door het quastigh fleresijn,   N. H. Speelw. 55.
Ik voel, helaas! my weêr bespringen Van 't helsche flerecyn: Hoe zou ik op uw Jaarfeest zingen, Of vrolyk kunnen zyn?   WELLEKENS 1, 249.
De ghene die het flessijn hebben ofte gightigh zijn,   F. DE SMIDT bij DE BO [1873].
In het land van 't flerecijn,   POTGIETER 9, 69 [1845].
Gij weet dat de heer Schraep van daeg door het flerecijn weer hevig wordt gepijnigd,   WILLEMS, Nalat. 212.
Rhumatisme, flerecijn, jicht, enz., enz.,   in Het Volksbelang v. 10 Sept. 1910.
Afl. Flerecijnachtig, rheumatisch (”Fledercijnachtigh. Arthreticus, articularius: podagricus, podagrosus: chiragricus,” KIL.).
Samenst. Flerecijnknobbel, onschuldig gezwel aan de achterpooten van koeien voorkomend (DE BO 1464 a [1873])
flerecijnkruid, oude benaming voor het zevenblad, Aegopodium Podagraria L. (”Gerard, ofte Fledercijn-kruyt,” V. BEVERWIJCK, Geneesm. 20 b)
flerecijnwater, in Z.-Ndl. (”Flesijnwater, Fleurecijnwater. o. Zoo heet bij 't volk 't geen men in 't fr. épanchement pleurétique noemt,” DE BO [1873]).
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1919.