Koppelingen:
Vorig artikel: HOUT Volgend artikel: HOUTEBAS

HOUTACHTIG

Woordsoort: bnw., bw.

Modern lemma: houtachtig

bnw. en bijw. Van Hout in de bet. 1) en 2) met -achtig.
+A.  Bnw.
B.  Bijw. Op de wijze van hout.
Als ghy die … knauwt tusschen u tanden, soo smaecken sy houtachtich,   O.-I. e. W.-I. Voyag. 5, 18 d [1602].
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1907.