Koppelingen:
Vorig artikel: KIEREN III Volgend artikel: KIEREWIET

KIEREWIER

Woordsoort: znw.(v.)

Modern lemma: kierewier

znw. vr.; veelal in 't verkl. kierewiertje.
Kronkelige, geslingerde, krullerige figuur of (schrift)trek. Verg. KIEREMIER.
Al die kierewiertjes en krulletjes zal ik er (bij 't naschrijven van een schrijfvoorbeeld) maar af laten,   FOKKE, B.R. 2, 300 [1802].
Verg. Kierewier als naam voor den secretaris van een college, bij BEETS, C.O. 325 [1841].
Afl. Kierewieren, dooreen kronkelen (BILD., Verkl. Geslachtl.
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1926.