Koppelingen:
Vorig artikel: SPIAUTER Volgend artikel: SPICHTIG

SPICHT

Woordsoort: bnw., znw.(v.)

Modern lemma: spicht

bnw. en znw. vr. Fri. spjucht. Hetzelfde woord als Specht (II) en verwant met Spijker en Spaak of (althans als bnw.) verkort uit Spichtig.
+A.  Bnw. Als zoodanig niet meer in gebruik.
+B.  Znw.
Afl. Spichtig (zie ald.).
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1934.