Koppelingen:
Vorig artikel: UITKALVEN Volgend artikel: UITKAPPEN

UITKAMMEN

Woordsoort: ww.(trans.,zw.)

Modern lemma: uitkammen

bedr. zw. ww. Van uit en kammen. Niet in Mnl. W.
+1.  (Lang haar) door kammen uit de war halen, zoodat het los neerhangt.
Ik lees van een roemruchtigh schilder, die zoo oolik en deurslepen was, dat hy altijd een groote spiegel onder zijn' tafereelen stelde, op dat Ioffers, en Hovelingen, de kruivende lokken daar in uitkemmende, en hun beffen, elk op voordeel schikkende, door dat middel, de schoonheid zijner beelden voor de tweede maal moghten zien,   DE BRUNE, Wetst. 1, 21 [1644].
Voor haar gingen vijf, of zes paren van de Messieurs, die genodigt waren, daar zo veel jonge Juffers op volgden, en achter hen de Bruit, met uitgekemt hair, dat by haar hooft neerhing, en daar een kroon van parrelen op stond,   Voyag. v. Klenk 127 [1677].
Neemt Arabische-gom een once, laet dat in dry oncen water smelten, bestryckt daer des avondts als ghy slapen gaet u hair mede dat het nat is, windt u hair-locken dan op toebacks-pypjes of pampiertjes, en steeckt het onder u muts, soo sal het 'smorgens droogh zyn, kamt het dan uyt en poeyert het, soo sult ghy den heelen dagh schoon gekrolt hair hebben,   WITGEEST, Toverb. 356  (ed. 1715).
Het blonde haar, dat, netjes uitgekamd, aan weêrszijden van het hoofd in tallooze … krullen nederviel,   V. LENNEP, K. Zev. 1, 153 [1865].
+2.  Door kammen verwijderen.
3.  Met objectsverwisseling t.o.v. de bet. 2): ongerechtigheden door ‘kammen’ verwijderen uit —. Zie de aanh.
Uitkemmen. Van de rouwhoop Met de blok- of met de schuurrijf. De strootjes en aren er uit rijven,   GOOSSENAERTS [1958].
— In een der gebouwen vindt men eene grote hoeveelheid hennip en vele menschen bezig met dezelve uit te kammen en te reinigen,   W. DE CLERCQ, Reisdagb. 136 [1816].
Van tijd tot tijd moeten alle kaardcilinders en dekstukken geslepen en schoongemaakt worden. Het eerste geschiedt met amaril, het laatste door uitkammen met handkaarden,   Boek d. Uitv. 2, 1, 199 [1865].
Tot het voortbrengen van het zoogenaamde kamgaren kunnen alleen vrij lange wolsoorten dienen, waaruit de korte vezels verwijderd moeten worden, alvorens men de overblijvende lange haartjes zooveel mogelijk in evenwijdige richting naast elkander vlijt. Beide bewerkingen geschieden gelijktijdig door 't uitkammen of kammen, dat zoowel uit de hand, als met behulp van zeer samengestelde machines uitgevoerd wordt,   GROTHE, Mechan. Technol. 300 [1879].
Afl.Uitkammer, iem. die uitkamt (WEIL. [1810] CALISCH [1887]), bep.: "werkman, die het korte stof uit het kaardbekleedsel kamt" (LIEV.-COOPM. [1953]).
Uitkamming, het uitkammen.
  WEIDENBACH [1808].
  V. DALE [1898 ].
Uitkamsel, het uitgekamde, wat door het "kammen" wordt verwijderd. In de eerste aanh.: de kortvezelige stof, die wordt verkregen door het uitkammen van lange wolsoorten.
  DES ROCHES [1791].
  V. DALE [1872 ].
— Beverwolle daar men hoeden van maakt, zynde het uytkamsel der Bevervellen die van hier derwaarts gebragt werden,   DE L'ESPINE-LE LONG, Kooph. 493 [1715].
Samenst.Uitkamrol, "mecaniek dat het kaardbekleedsel uitkamt" (LIEV.-COOPM. [1953]).
© 2007 INL. Artikel gepubliceerd in 1980.