Resultaten zoekvraag

Totaal
Aantal resultaten: 11
Aantal hits: 11
MNW
Aantal resultaten: 5
Aantal hits: 5
VMNW
Aantal resultaten: 0
Aantal hits: 0
ONW
Aantal resultaten: 0
Aantal hits: 0
WNT
Aantal resultaten: 6
Aantal hits: 6
Woordenb.Mod. Ned. TrefwoordOrigineel trefwoordWoordsoortBetekenis
MNWree, reiREE (III)znw(v., m.)Het woord komt vooral voor in de bet. richtsnoer of de lijn ter begrenzing van den bouw van huizen, rooilijn en grenslijn.
MNWreiREIznw(m.) Eene in eene bepaalde orde zich bewegende of staande personen, reeks; vgl. fra. chaîne. Vooral eene hand aan hand geschaarde reeks dansende personen, reidans, rondedans, ketendans. Teuth. danss, rey, corea. Kil. reye, rije, chorea celerior, chorea in longam seriem et chorus saltantium. Plant. rey, danse ou bransle (zie Hatzf. 288 op branle), chorea, saltatio motoria; reyen, den rey leyden, danser, mener le bransle, ducere choreas, versare saltatorium orbem. Den rei leiden, eig. den dans aangeven, vervolgens een dans uitvoeren.
MNWreiREYE (I)znw(v.)Gracht, waterloop, kanaal; ook stadsgracht.
MNWreiREYE (II)znw(v.)Regel, rij.
MNWrooi, reiROYE (II)znw(v.)Waterloop, gracht, vliet.
WNTreiREI (I)znw.(m.,v.) Min of meer geordende groep of reeks van personen die zich gezamenlijk rhythmisch-bewegend, al dan niet zingend of reciteerend, uiten. Thans vooral in litteraire taal.
WNTree, reiREI (II)znw.(v.) Streep, lijn en bet. die zich hieruit ontwikkeld hebben.
WNTreiREI (III)znw.(v.) Lat, liniaal of plank door versch. ambachtslieden, inz. timmerlieden, metselaars en stukadoors, tot versch. doeleinden gebruikt, b.v. om de maat ergens van te nemen, om een vlak waterpas of loodrecht af te werken, om na te zien of geschaafd hout al of niet vlak is, om de opgebrachte specie glad uit te strijken enz.
WNTreiREI (IV)bnw.Behalve in Friesl. (Friesch Wdb. i.v. Rij) komt het voor in het N.-O. (Dr. Volksalm. 1846, 264; O. Volkst. 1, 152 a; MOLEMA i.v. Rei; TER LAAN i.v. Rij; SCHURINGA § 64; EBBINGE WUBBEN 125 a; SASSEN § 23) en in het nd. taalgebied (b.v. TEN DOORNK.-KOOLMAN i.v. Rêde, rê met de bet. ”niet zuinig, goedgeefsch, spilziek enz.”. In Dl. XIII i.v. RIJ (III) wordt het verklaard als een bijvorm van rijf (III) ”mild, vrijgevig enz.”. De vocaal wijst inderdaad veelal op oude î (zie b.v. SCHURINGA en SASSEN t.a.p.). Doordat in enkele gevallen het vocalisme dubbelzinnig is, zal men stellig rekening moeten houden met invloed van of kruising met rei, ree (zie hiervoor REE (VIII))).
WNTreiREI (V) Zie REIT (I).
WNTrei rei[behandeld onder REIEN III]

Ga naar de GTB applicatie